Menu

X Omdat je bent ingelogd zie je op deze pagina de berichten uit al je groepen. Alleen jij ziet deze informatie.

Uitgelicht:

Waalstraat

Michiel van de Loo
6 juli 2017 , 952x gelezen

In de Romeinse tijd heette de Waal “Vahalis”, lezen we in de stratenlijst van Rob Essers. Maar, gaat hij verder, dat is waarschijnlijk alleen maar een verlatijnsing van een al bestaande naam, die in ieder geval het element “Wall” of “Waal” moet hebben gehad. Dat woord-element duidt aardrijkskundig en historisch altijd op een grens tussen twee volkeren: Wallis in Zwitserland (in een uithoek tussen Frankrijk en Italië), Wallonië (Waals) in België, Wales in Groot-Brittannië, en Walachije in Roemenië. Samenvattend is de betekenis min of meer: daar waar “de anderen” wonen. Zo ook de Waal: voor de Kelten ten zuiden ervan was het de grens met de Germanen in het noorden, en omgekeerd. Tot zover Rob Essers.

Er zijn veel openbare ruimten in Nijmegen vernoemd naar de Waal. We kennen de Waalbanddijk, de Waalbrug, Waaldijk, Waalfront, Waalfrontweg, Waalhaven, Waalhavenkwartier, Waalkade, Waalkant, Waalpark, Waalplein, Waalsprong, Waalwal, de stad zelf noemen we niet zonder trots de Waalstad en van de Weurtseweg naar de Maasstraat loopt sinds 1921 de Waalstraat.

Te koop

Dan verrijzen ook de eerste huizen in de straat, maar van de oorspronkelijke bouw zijn er nog maar acht over. De even nummers 2 tot en met 16. De panden maken deel uit van het beschermd stadsbeeld. Daartussen ook het enige huis in de straat dat momenteel te koop staat: nummer 6, 5 kamers, 80 m2 en de vraagprijs is € 225.000,00.

Ger Reinders

Iets verderop, voorbij de IJsselstraat, wonen aan de even kant Ger Reinders op nummer 24 en Johan Bouwman op 28 in een blok van zeven huizen die in 1997 gebouwd werden. Beiden geboren en getogen in de Rijnstraat, kennen elkaar hun leven lang, en het lot bracht ze samen in de Waalstraat.

Ger is 57 jaar.  Na zijn huwelijk bleef hij aanvankelijk wonen in zijn geboortehuis aan de Rijnstraat totdat hij verhuisde naar Grootstal. Daar eindigde zijn huwelijk in een scheiding, maar Ger vond een nieuwe liefde in Monique met wie hij nu sinds 2010 aan de Waalstraat woont. ‘Ik heb geleerd voor metaalbewerker, maar ging de bouw in,’ begint Ger. ‘Veel buiten de stad gewerkt, richting Utrecht. Tot 2013, toen veranderde mijn leven radicaal. Het begon met een lichte tinteling in mijn linkerbeen. Eerst sla je daar geen acht op, maar het werd allengs erger. Totdat ik op een gegeven moment helemaal niks meer kon. Allerlei onderzoeken in het ziekenhuis en de dokters kwamen uiteindelijk met de diagnose MS, en daar de progressieve variant van.’

Multiple Sclerose

Multiple sclerose (MS) is een chronische aandoening van het centrale zenuwstelsel. Bij MS gaat het isolerende laagje rondom de zenuwbanen  langzaam stuk. Daardoor kunnen de zenuwprikkels niet meer goed geleid worden door de zenuwbanen. De gevolgen van MS zijn zeer ernstig. Zo resulteert het in verlammingsverschijnselen.

‘Ik heb geen flauw idee waar het vandaan komt,’ gaat Ger verder. ‘Het komt nergens in de familie voor. Het heeft zeker anderhalf jaar geduurd voordat ik het een beetje kon accepteren. Mijn kleindochter Stella heeft me er doorheen gesleept. Door haar heb ik geleerd vooral te kijken naar wat ik wél kan, toen ik haar zag leren kruipen en lopen. Mijn drie kleinkinderen, naast Stella ook nog Yasmine en Ian, zijn opa’s trots. Nu heb ik een scootmobiel waar ik overal mee naar toe kan en vaak gaat de hond dan mee. Ik vraag niet graag om hulp, maar de buurt, vooral Johan, staat altijd voor me klaar.’ Zo zit Ger elke thuiswedstrijd van N.E.C. in vak H. Hij heeft al meer dan twintig jaar een seizoenkaart. ‘Het is uiteindelijk geen best seizoen geworden, terwijl er in eerste instantie geen vuiltje aan de lucht leek, concludeert hij mistroostig.’

Johan Bouwman

Johan is 51 jaar. Sinds de oplevering van de huizen in 1997 woont hij hier samen met Claudia. Hij ging ooit naar de LTS om timmerman te worden, maar hij verdient nu zijn brood als glazenwasser in dienst bij het Radboud Ziekenhuis. ‘We waren één van de eerste bewoners hier,’ begint Johan. ‘We zagen de huizen aan de overkant gesloopt worden. Er was een terugkeergarantie voor de bewoners, maar dat gold voor de hele wijk, niet voor de straat. De mensen die er nu wonen zijn veel meer op zichzelf.

Bij een beetje mooi weer zitten wij hier voor in de tuin. Vaak met een biertje erbij. Vroeger verhuisden we dan op het eind van de middag met de stoel en het bier naar de overkant. Daar staat langer de zon op.’

Ger betaalt aan huur € 625. Johan heeft in maart jl. het huis gekocht. ‘We kregen van Portaal een brief met dit aanbod voor een marktconforme prijs,’ vertelt hij. ‘De rente is laag en ik hoop over twintig jaar voor mezelf een appartementje te kunnen kopen.’ ‘Wanneer ik nog gezond was en kon werken, had ik het ook gedaan,’ zegt Ger.

Schuttingen

Het is een rustig straatje, een beetje doorgaand verkeer en aan de veiligheid is ook gedacht. Johan: ‘Portaal heeft een stalen poort geplaatst bij de achterom, er is verlichting en ook nieuwe schuttingen. Ik hoorde wel dat onlangs aan de overkant ingebroken was. Ze hadden de achterdeur niet afgesloten. Misschien dat we daarom van de politie een brief kregen om daar goed op te letten.’

Ger en Johan ergeren zich wel aan het bladafval het hele jaar door. Johan: ‘Dat komt van sommige struiken aan de overkant en deze bomen in de straat mogen wel weg van mij. De wortels groeien tot ver onder de tegels door. Pas nog hebben ze het trottoir en de parkeerplekken opnieuw moeten leggen.’

Import

Na de sloop van de oorspronkelijke bebouwing lag het terrein aan de overkant enige jaren braak totdat in 2013 de nieuwbouw werd opgeleverd. Ger: ‘Het is allemaal import, tweeverdieners met een goede baan. We zeggen elkaar gedag, maar daar blijft het bij. Bij de oplevering was er een feestje georganiseerd om elkaar beter te leren kennen. Met tenten, een barbecue en live muziek.’ Heel gezellig,’ gaat Johan verder, ‘maar het heeft nooit een vervolg gekregen. Misschien komt het er nog eens van. Wij zitten meteen voor het huis als de zon schijnt. Aan de overkant niemand, alhoewel, hier tegenover hebben ze sinds kort een bankje in de voortuin staan. Het begin is er.’

Ger heeft aan de voorzijde van zijn huis en bij de voordeur een batterij aan stekkerdozen. ‘Die zijn voor de kerstverlichting. Een hobby van mijn vrouw. Daar slaat ze helemaal in door, maar mooi is het wel.’

Taxi

Eén opmerking wil Johan nog wel kwijt: ‘Als mijn dochter bijvoorbeeld uit is geweest in het centrum en ze wil met de taxi naar huis, dan kan dit niet. Ze wordt gewoon geweigerd, dan heeft de chauffeur ineens pauze. Bij de taxicentrale vinden ze zo’n ritje te kort, dat levert niks op, maar wanneer daarna iemand naar Groesbeek wil, is de pauze ineens voorbij. Maar mijn dochter kan te voet naar huis midden in de nacht.’

Ger Hesseling

Ger Hesseling, geridderd wijkactivist en dan heb je recht van spreken, woont in de IJsselstraat, de enige zijstraat van de Waalstraat, en uitte in 2008 in een redactioneel artikel in de Gelderlander zijn bezwaren tegen de sloop van de oude huizen in het Waterkwartier. Hoe betaalbare woningen moeten wijken voor duurdere nieuwbouw en de bewoners de wijk uitgejaagd worden. Ger voorzag dat het vrijwilligerswerk ten behoeve van de wijk hier onder zal lijden en dat dit negatieve gevolgen zal hebben voor de sociale samenhang en betrokkenheid bij de wijk. Hoe kijkt hij bijna tien jaar later hierop terug? Is zijn vrees bewaarheid? Ger: ‘Ik heb in die tijd er bij de woningbouwcorporaties en de politiek, wethouder Paul Depla toentertijd, op aangedrongen dat er betaalbare woningen gebouwd moesten worden voor de mensen uit de slooppanden en ze een terugkeergarantie zouden krijgen. Dat is ten dele gelukt, maar ik kom nog vaak oude inmiddels verhuisde Waterkwartierders tegen, die zeggen graag weer terug te willen naar hier. Door hun vertrek wordt er ook minder georganiseerd. Gelukkig zijn er nog altijd mensen te vinden met het hart op de goede plaats die de kar willen trekken. 

Renske van Heeswijk

Eén van de nieuwe bewoners aan de overkant met de oneven nummers is Renske van Heeswijk. Ze is 37 jaar, geboren in Sittard en kwam naar Nijmegen om orthopedagogiek te studeren. Ze leerde via internet haar huidige partner Leonard kennen, die bij haar introk toen ze nog in een flatje aan de Rozemarijnstraat in Heseveld woonde. ‘Als dat lang leuk gaat,’ vertelt Renske, ‘kom je op een punt dat je je af gaat vragen hoe nu verder. Gaan we een gezinnetje stichten en wáár gaan we dat doen. Over dat gezinnetje en Nijmegen waren we het snel eens. We keken eerst rond voor een koophuis, maar dat vonden we niet, dus werd het huur. Toen we dit uitkozen, moest het nog gebouwd worden. De oplevering zou eerst begin 2013 zijn. Dat schoof telkens met een paar maanden op, maar in juli, vlak na ons huwelijk, kregen we de sleutel.’

Op de begane grond zien we een heel ruime kamer met een open keuken aan de voorkant, die uitkijkt op het speeltuintje en de IJsselstraat. Die keuken was bij de oplevering voorzien van een afwasmachine en oven. Op de verdieping daarboven is diezelfde ruimte over drie kamers verdeeld. De verder identieke huizen aan het begin van de straat hebben nog een verdieping extra. Renske: ‘Dat hadden wij niet nodig, wij hebben één kind nu, Morris van tweeëneenhalf, en daar willen we het bij houden.’

Biezantijn

De huur was bij aanvang € 750. Nu zo’n € 100 méér en daarmee zitten ze boven de huursubsidiegrens. ‘Makelaar Stienstra is de huisbaas,’ vertelt Renske, ‘daar hebben we geen klagen over, het gaat wel over veel schijven, wanneer er iets gerepareerd moet worden. De buren aan beide kanten kochten het huis. Daar hebben we leuk contact mee. Naar de rest van de straat zwaai ik altijd als ik ze zie. Nee, aan de straat zitten doen ze aan deze kant niet. Mensen zijn veel weg. Ikzelf werk ook 28 uur per week bij de Jorismavo als zorgcoördinator en orthopedagoog. Leonard zit in de sociale hulpverlening. Actief in de wijk ben ik niet, al denk ik soms dat er vast wel eenzame ouderen in de wijk wonen, waar ik bijvoorbeeld even op de koffie zou kunnen gaan, maar ja, het komt er dan weer niet van. In de Biezantijn ben ik ook nog maar één geweest en dat was om te stemmen. Je ziet ons wel bij de Vasim of de Honig, als er wat bijzonders te doen is.’

‘Morris zit op de opvang bij het Kronenburgerpark, omdat ik daar langskom als ik naar mijn werk ga. Of ik hem hierna naar de Aquamarijn stuur, weet ik nog niet. Het is een prima school denk ik, maar de voorkeur gaat nu nog uit naar Petrus Canisius bij de Stevenskerk of Michiel de Ruyter aan de Tweede Oude Heselaan.’

Speelgoed

‘Het klopt dat er in het begin toen we hier net woonden een soort welkomstfeestje was, maar gek genoeg alleen voor de even en oneven kant vanaf de IJsselstraat tot aan de Maasstraat. Wij vielen daar net buiten. Ik heb nooit goed begrepen waarom dat was. Ik vond het overigens erg leuk toen wijkbewoner Ron met een arm vol speelgoed voor de deur stond, waar zijn kind te groot voor was geworden.’

‘Ik kende het Waterkwartier eerst alleen van de Voorstadslaan, omdat een vriendin van mij daar woonde. Ik was wel bang dat we er misschien moeilijk tussen zouden kunnen komen, het is toch een volksbuurt, maar dat viel erg mee. Als je je normaal gedraagt, heb je hier geen probleem.’

‘Qua verkeer is het rustig. De straat zit aan één kant ook permanent dicht. Ooit was de Kanaalstraat een paar dagen afgesloten, en toen probeerde veel mensen via hier naar de Weurtseweg te komen. Dat gaat dus niet. Een voor een zag ik ze weer terugkomen. Ik heb nog even gedacht om er een bord neer te zetten,’ lacht Renske. ‘De auto kunnen we makkelijk kwijt. De meeste bewoners hebben allemaal hun eigen plekje.’

‘We vinden het hier een super plek om te wonen, een fijn huis en dicht bij het centrum. Ik zie ook geen verloop. Ik heb niet het idee dat mensen dit als een starterswoning zien, iedereen investeert in zijn huis.

Reacties

Juriaan 6 juli 2017
Mensen van buiten de stad IMPORT noemen? Een schande, pure discriminatie. Dat men aan deze club subsidie verstrekt is volkomen onbegrijpelijk.
Bekijk al het nieuws uit je buurt »