In de columns nodig ik lezers af en toe uit om te reageren. Vaak subtiel met een vraag of door aan te geven dat ik zelf iets niet weet. Er komt bijna nooit een directe respons.
Met de laatste column was het anders. Ik kreeg twee reacties. De eerste was van de persoon met wie ik het gesprek had gehad over ‘zand in je hand.’ Zijn moeder was op vakantie. Hij had haar gebeld en de column voorgelezen. Ze was ontroerd en vond het bijzonder dat haar levensles interessant genoeg was voor derden. Ik denk dat zij ook of misschien vooral trots was op het feit dat haar zoon naar haar levensles had geluisterd. Misschien een van de mooiste cadeaus die je je opvoeders kan geven, de bevestiging dat hun inzichten worden gewaardeerd.
De andere reactie kwam uit een onverwachte hoek. De persoon was tijdens zijn lunchpauze bij de Jumbo en las daar de Wester. Hij las de column en nam contact op. Hij citeerde Romeinen 12 verzen 20-21 als praktische tekst voor iedereen die de wereld mooier wil maken: “Maar als uw vijand honger heeft, geef hem te eten, als hij dorst heeft, geef hem te drinken. Dan stapelt u gloeiende kolen op zijn hoofd. Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede te doen.”
Ik deel het omdat het mij ontroert dat de lezer mijn hulpvraag heeft gehoord en meent dat er ruimte is voor zijn zienswijze. Ja, die is er. Uiteraard aan jou om uit te maken of dit jouw oplossing is.





